Patiënt met mondkapje krijgt ondersteuning met lopen van een fysiotherapeut

Aap, noot, troost

Datum: 1 september 2020

Er zullen mensen zijn die taal, zeg maar, niet echt zo hun ding vinden. Ik geef toe, het is hier wat kreupel geformuleerd. Maar deze uitdrukking is een variant op het boek ‘Taal is zeg maar echt mijn ding’. Schrijfster Paulien Cornelisse heeft daarmee in 2009 het boek en zichzelf de bestsellerstatus bezorgd. Cornelisse is ervan overtuigd, dat taal meer verwarring veroorzaakt dan duidelijkheid brengt. We zeggen niet wat we bedoelen en we bedoelen niet wat wij zeggen, zeg maar.

 

Woord en toon
Nu even terug naar degenen die taal, zeg maar, niet echt zo hun ding vinden. Die zich ongemakkelijk voelen als ze een ander troosten. Vind maar eens de goede woorden en sla daarbij de juiste toon aan. Niet zo eenvoudig als taal je ding niet is. Het lijkt er dan op, dat je om de hete brij heen draait. Of, erger nog, dat je totaal nietszeggende woorden gebruikt waar de ander niets mee kan. Maar het allerergst is toch wel, dat je met een boog om iemand heen gaat.

 

Wat te zeggen als iemand zegt ‘‘Ik heb kanker”? Zeg in ieder geval niet niets, maar zeg dan “Ik weet niet wat ik moet zeggen”. Eén van onze internist-oncologen reikte mij eens een A-4’tje aan met daarop suggesties hoe te reageren. Om te kunnen begrijpen wat de ene en de andere zin betekent geef ik steeds de zin die je beter niet kunnen zeggen en het alternatief.

 

Alternatieven
“Je bent sterk” versus “Ik vind het erg, dat dit jou overkomt”.
“Ik ken iemand die je kan genezen…” versus “Wat gaat er gebeuren en hoe kan ik je helpen”
“Maak je geen zorgen” versus “Ik ben er om naar je te luisteren”
“Ik weet hoe je je voelt” versus “Wil je praten over hoe je je voelt”
“Als er iets is wat ik voor je kan doen, laat het mij dan weten” versus “Vind je het fijn als ik met je meega naar de ziekenhuisbezoeken”
“Hoe lang heb je nog” versus “Als je de behoefte hebt om te praten, ik ben hier om te luisteren”
“Als er iemand is die kanker kan verslaan dan ben jij het” versus “Ik vind het heel erg, dat jij hier doorheen moet”

 

Troost
Marc de Hond had kanker. Hij is intussen overleden. Hij hekelde woorden als wedstrijd en strijdplan. Hij vond, dat het ziekteproces geen game was en dat je van kanker niet kunt winnen of verliezen. Hij vatte het samen met “Je hebt geluk of je hebt pech”. Kees van Kooten zegt het nog pregnanter: “Kanker hebben we tenslotte allemaal, het is alleen de vraag bij wie het eruit komt”.

 

Degene voor wie taal niet zijn of haar ding is, kan gerust putten uit de gegeven voorbeelden met troostrijke woorden. Dan hoef je niemand meer te ontvluchten of het heikele onderwerp te omzeilen. Daarmee is taal toch echt wel ieders ding. Iets wat Cornelisse beslist zou toejuichen. En ik met haar. Voor wie op zoek is naar meer ‘taal en troost’, zeg het mij maar.

 

Marion Titselaar, programmamanager oncologie

Twee mensen zitten naast elkaar op een bankje
Marion Titselaar
M.A.G.S. (Marion) Titselaar Programmamanager oncologie
Scroll voor meer informatie